Floor’s verhaal: In één community zie je de hele wereldproblematiek

Floor is stad- en dorpmaker, maatschappelijk cultureel ondernemer en coach voor creatieven. Ze is initiatiefnemer van de Noorderparkkamer, Broedstraten, het Concertgemaal en de cultureel-maatschappelijke broedplaats Ondertussen. Bij de Tweede Kamerverkiezingen was ze lijstduwer voor de Piratenpartij. Voor deze verzameling verhalen uit de stad ging ik met haar in gesprek over gemeenschappen, maatschappelijke initiatieven en het systeem en de leefwereld.

De Noorderparkkamer

“In het Noorderpark zijn we een culturele ontmoetingsplek begonnen. Het park werd eerst vooral top-down, door de gemeente ontworpen maar toen kwam de crisis en mochten wij vanuit de leefwereld het park tot leven wekken. De Noorderparkkamer heeft zoveel succes gehad met hele wezenlijke dingen. Mensen zijn zich gaan beseffen hoe erg het de moeite waard is je in de ander te verplaatsen. Heel veel mensen die elkaar nooit zouden ontmoeten zijn vanuit hun passies en talenten gaan samenwerken aan projecten. Mensen gingen per ongeluk langs elkaar schuren. Ik zeg altijd dat je mensen niet kunt veranderen maar wel met elkaar in contact kunt brengen. Nieuwe Noorderlingen met hun kinderen en bakfietsen die vaak liepen te zeiken op oude Noorderlingen en andersom kwamen er achter dat ze dezelfde belangen hebben. Dat vind ik het mooiste aan dit werk. Dat je mensen door ze aan te spreken op hun passies kunt verbinden aan elkaar. Je ziet mensen die volledig langs elkaar leefden nog steeds op een bankje naast elkaar zitten. Er is een hele eigen cultuur ontstaan in het Noorderpark.”

 

Verantwoordelijkheid

“In Ondertussen hebben we gezegd ‘dit is van iedereen, of je nou vluchteling bent of hier geboren’. Maar zo’n gemeenschap gaat toch weer allemaal regels of structuren bedenken. Je begint altijd met het gedachtegoed ‘deze gemeenschap is van ons allemaal’. Maar dan moet de huur betaald worden of, nog simpeler, de afwas gedaan. Dan ga je met elkaar een gesprek voeren. Over waarom iemand de afwas steeds niet doet en de ander wel. Mijn rol is om te kijken wat daar onder ligt. In een gemeenschap hebben mensen vaak het gevoel dat ze te weinig doen, omdat er geen leider is die zegt wat ze moeten doen. Als iemand iets niet doet en je vraagt door blijkt heel vaak dat het gewoon even niet lukt, dat ze zoveel doen dat ze de verantwoordelijkheid echt even niet aankunnen. Daar kan je dan met elkaar een oplossing voor bedenken.”

Gemeenschap

“Zodra je met elkaar op organische wijze een community gaat vormen zijn er altijd mensen die bang worden van de chaos. Mensen vragen om een leider, gaan de strijd aan, laten hun eigen belang boven het gemeenschappelijk belang gaan en vallen weg. De hele wereldproblematiek zie je in één community samenkomen. Wat je overal ziet gebeuren, hier in Ondertussen en bij de Piraten zag je het ook, is dat er allemaal dingen gaan spelen waardoor mensen andere mensen toch gaan wegdrukken. Mensen die wat meer op de achtergrond zijn of voor hun verantwoordelijkheid weglopen worden toch weggedrukt of verdwijnen. Je staat echt heel kleinschalig voor de keuze hoe je met elkaar omgaat. Ga je mensen erbij betrekken of stoot je ze af. En daar bedenk je dan met zijn allen toch heel snel weer een systeem voor. Een hele mooie uitdaging is dan hoe je mensen het zelfvertrouwen geeft dat ze ook echt allemaal meedoen. Ben je in staat iedereen aan het woord te laten zodat ook echt iedereen ertoe doet?”

Het systeem en de leefwereld

“Er is voor mij geen onderscheid tussen mensen uit het systeem en de leefwereld. Als je een commons begint, een gemeenschap, horen daar voor mij ook de ambtenaren bij. De Noorderparkkamer heb ik ook samen met Evert Verhagen opgericht die destijds als zelfstandige voor stadsdeel Noord. Wat mij wel dwarszit is dat je ziet dat de bottom-up wereld in tijden van crisis heel veel ruimte krijgt. Maar nu is er weer geld in de stad en dan zie je dat het weer wordt afgedaan. Het wordt toch nooit helemaal serieus genomen. Zodra er iets niet helemaal lekker loopt hoor je al heel snel ‘zie je wel, dat gaat mis.’ Terwijl het in de top-downwereld heel vanzelfsprekend is dat er grote risico’s worden genomen en misstappen terzijde worden geschoven alsof het heel normaal is dat die soms gebeuren. Dat vind ik echt fascinerend, het is natuurlijk psychologisch. Als stadmaker of initiatiefnemer creëer je zoveel waarde in de stad. Je bent gewoon gelijkwaardig aan ambtenaren. Maar zij hebben altijd het systeem om zich aan vast te houden of achter te verschuilen, waardoor ze zich stevig voelen. Terwijl wij als initiatiefnemers met kleine dingen bezig zijn. Als je in opdracht van een systeem werkt kan je heel ver van jezelf af komen te staan. Als je een brug moet bouwen van de wethouder dan moet je dat gewoon doen. Daar kan je dan ook altijd naar wijzen. In een gemeenschap kan dat niet, dan moet je echt heel dicht bij jezelf staan en je eigen kracht en van daaruit dingen doen. Je moet jezelf als stadmaker ook wel serieus durven nemen.”

Einde

“Waarom vinden mensen het altijd zo vervelend als iets eindigt? Vaak gaat het met gemeenschappen zoals de Noorderparkkamer een aantal jaar goed en dan komt er een crisis. De financieën stoppen, of er lukken onderling dingen niet meer. De Noorderparkkamer zal nu waarschijnlijk door een maatschappelijk ondernemer worden overgenomen. Op een gegeven moment is de pioniersfase afgelopen. Dat is ook niet erg. Dat mensen bang zijn dat dingen verdwijnen heeft eigenlijk weer te maken met de kern van waarom we de Noorderparkkamer begonnen. Jezelf in anderen verplaatsen en durven los te laten. De Noorderparkkamer is een gebouwtje maar staat voor iets dat helemaal niet aan een gebouw gebonden is. Ik zeg altijd je hebt een plek nodig, een kwartiermaker en een thema. Maar die plek die hoef je niet vast te houden. Die zijn overal. Een gemeenschap eindigt natuurlijk ook nooit helemaal, want wat er gebeurt zit in de mensen zelf en die zijn er nog.”